Tag Archief van: rituelen

Al lang geleden was het idee gegeven. Mijn krachtdieren in mijn huid te graveren en zo mijn dieren dichter bij te brengen. Maar vind maar eens een tattoo artiest die klopt. Ik dacht er een jaar geleden een gevonden te hebben. Een Nieuw-Zeelandse Maori. Zag bij een collega een onverwacht mooie tattoo, zij vertelde het juiste verhaal. Geen plaatje uit een boek. Maar het dier dat bij haar hoorde op de manier dat de tatoeërder hem zag, op haar lichaam. Hij was echt indrukwekkend. Spatte bijna van haar lichaam af. Dit moest hem worden! Was maar één probleem; hij kwam maar zelden naar Nederland en als hij hier was dan was er een grote wachtlijst. Gelukkig vond ik begin dit jaar in Rotterdam Barbara. Een Belgische artieste die alleen maar eigen werk doet, open staat voor de ideeën van de diegene die bij haar komt, stelt geen vreemde vragen over de rituelen die je er eventueel bij wilt uitvoeren.

Dus afspraak gemaakt, gesproken over de dieren en hoe ik denk dat ze er uit zouden moeten zien. Ze begreep wat ik wilde en ging aan het tekenen. We maakten een afspraak en op de bewuste woensdag stapte ik met Joke Brauns en een Adelaarsveer de winkel binnen in de Pannekoekstraat.
Ik was blij met haar voorstel. Een tribaal gevoel, maar geen bekende dingen. Sowieso heel fijn van tekening. Ze zetten de tekening over op mijn arm, en ging aan het werk. Ik had de Adelaarsveer in mijn andere hand en Joke zat aan het voeteneind te bidden en vroeg de adelaar akkoord te gaan met de tattoo, en zijn energie verder via de tatoeage in mijn systeem te verankeren. Ik vroeg de pijn die ik moest door staan om te zetten in kracht en inzicht. Mooi was dat de vingers van de Adelaar, het deel dat het sterkst is ook de meeste opoffering vroeg. Deze vingers zitten onder mijn arm, waar de huid het dunst is, en de zenuwen het talrijkst. Het geeft het gevoel of iemand met een scheermesje in je arm zit te snijden. Maar het is de moeite waard. De veer in mijn handen is bloedheet en de energie spuit bijna uit mijn handen. Het tweede deel, het inkleuren verloopt minder energetisch en de energie komt weer tot rust. Na twee en een half uur is Barbara klaar en vertelt ze me hoe ik om moet gaan met mijn verse tattoo in het fysiek. Vuil is met zoveel open wond op je arm uit den boze dus de plek wordt met huishoudfolie afgedekt. In juni volgt nog mijn andere dier op mijn andere arm, maar voor nu: the Eagle has landed!

Een stand van zaken, want er is sinds 18 maart nog veel gesproken. Vooral over de mail maar ook via de Blog. En daar worden wel interessante dingen geschreven. Verder zijn de rituele spullen die over bleven op 9 april op het strand bij zonsopgang verbrand. We hebben met zijn vijven gebeden dat de wensen en ideeën uitgesproken tijdens de dagen mogen bijdragen aan een betere wereld voor iedereen. Een deel werd verbrand en een deel met de zee meegegeven.
Maar terug naar de discussie. Ik noem de drie belangrijkste punten, speciaal voor mensen die niet aanwezig waren.Kortom, gebruik het als opstap om je eigen ideeën te toetsen en aan te scherpen, niet als de waarheid. Die bestaat gelukkig niet, ook hier niet!

– discussie één gaat over thuis komen na een enerverende ervaring. je bent nog helemaal confuus van wat er met gebeurd.Op zoek naar hou ze dat verschil konden maken. Niemand kan terug, dat is ook in de vele mails en discussies op de Blog wel duidelijk. bewustwording kan maar één kant op. Er is geen weg terug. Dat kan heel spannend zijn. De beste bijdragen zijn toch de acties en de poëzie die het oplevert. je moet verder niet proberen op een mentaal niveau te begrijpen wat er op hartsniveau veranderd is.
– discussie twee is een vervolg op de constatering dat de hartsenergie zo hoog was. Dat bracht meer verwarringen mee. Om een van de deelnemers te quoten: “Heb dit nog nooit eerder meegemaakt. Ik realiseer me dat ik van meer mensen kan houden dan alleen van mijn eigen partner op zo’n diep niveau”. Dat is mooi maar ook gevaarlijk. Mensen kunnen liefde en sexualiteit verwarren en voor je het weet… Maar en dat is mooi om te zien; we hebben blijkbaar iets geleerd van de vorige “love”generatie. Die verwarring was er misschien wel maar iedereen kon er mee omgaan. De kleren bleven aan en iedereen keek in verwondering naar zijn eigen nieuwe vermogens. Ben ik dat zag je mensen denken? In de discussie die daarop volgt wordt het moeilijk om met woorden daar uitdrukking aan te geven. De beste bijdragen zijn dan toch de acties en de poëzie die dat oplevert. Je moet verder niet proberen op een mentaal niveau te begrijpen wat er op hartniveau veranderd is.
– de derde discussie gaat over licht en donker. Want als je licht brengt komt het donker van zelf mee. Iedereen realiseert zich dat, en vraagt zich af hoe gaan we omgaan met die zwarte kant… is er een manier om die te ontmaskeren, in het licht te zetten. Hoe kunnen we met licht werken en de zwarte kant als gegeven mee nemen in dat werk. Balans brengen is moeilijker dan je denkt. Een oplossing heb ik nog niet voorbij zien komen. maar hou jullie op de hoogte.

Our invitation to join a co-creative and connective collective offered a beginning, an opportunity for recognizing our shared responsibility for how we co-create ourselves, each other and the worlds in which we live. ‘In this new space, what if we discovered something beyond – where we can touch, embrace, hold and make meaning of our senses and different forms of knowing. One where we can cradle each other as we grow in our capacity to give and receive? Dare we explore this dimension within ourselves and others?’

vandaag overleden, modern sjamaan: Robert Jasper Grootveld

Robert Jasper Grootveld roept met zijn happenings in de zestiger jaren, maar ook met zijn daarna ontplooide activiteiten van visionair vlottenbouwer, associaties op met kenmerken van het sjamanisme. In het proefschrift over de Provobeweging, enkele jaren na de beweging, van Jef Lambrecht wordt uitgebreid aandacht besteed aan deze happenings: “Wanneer provo in 1965 ten tonele verschijnt heeft Grootveld reeds een stapel voorbereidend werk achter de rug. Jaren lang heeft hij als een ware Johannes de Doper, de komst van Klaas predikend, gebouwd aan een kultureel klimaat waarin provo zou kunnen gedijen” (p.76). Lambrecht noemt de ontwikkeling van Grootveld waarin een gebeurtenis van belang is voor de relatie van Grootveld met het sjamanisme, wanneer deze als steward op een zeevaarder reizen maakt: “Een ervan bracht hem naar Zuid Afrika, waar hij, in Durban, voor een schijntje een koffertje kocht met daarin magische attributen van een vermoorde medicijnman. Het koffertje, waar alle Afrikanen een heilige schrik voor bleken te hebben zet Jasper bij de terugreis aan het denken over magie en onzichtbare verbanden, ook in onze samenleving, ‘een moderne asfaltjunle van koelkasten en roomkloppers en (wij JL) houden zodoende de meest primitieve eredienst in stand in de vorm van rookoffers aan God Jan Publiek” (ontleend aan Van Reeuwijk/Damsterdamse extremisten, 1965, p.11).
Vanaf 1962 ontwikkelen zich zijn rituele happenings, eerst in de Anti Rooktempel in de Korte Leidsedwarsstraat 31 (in bruikleen gegeven door de restauranthouder en kabalist Nicolaas Kroeze), later verplaatsen zijn happenings zich naar het door tabaksfabrikant Hunter gefinancierde beeldje ‘Het Lieverdje’ op het Spui.

Daar vindt de vermenging met de inmiddels ontstane provobeweging plaats. Grootveld gebruikt trance achtige handelingen, hij heeft visioenen zoals die van Amsterdam als ‘magisch centrum’ van ‘onze westerse asfaltjungle’. Hij spreekt over het feit dat in Amsterdam vroeger heksenprocessen aangevochten konden worden (vraaggesprek in de Wereldkroniek van 9 oktober 1965) en dat er verband was tussen de magische grachtengordel en deze rol van Amsterdam. Hieruit volgt het beeld dat “Iedereen met zonderlinge, heilzame ideeën” naar Amsterdam moest komen om daar zijn boodschap uit te dragen. “Die ‘profeten’ noemt Grootveld ‘Klazen’, deze klazen zullen samenkomen in een konsilie. Het zijn deze klazen die “zien welke kant het op moet gaan met een intens besef van alles, tegelijkertijd.” (H.J. Meijer/Heer geef me een sigaret, Ratio april 1964). “Het verschijnen van de kreet ‘Kom Klaas’ werd geregeld aangetroffen op de Amsterdamse muren, in kombinatie met het grafisch symbool voor het Magisch Centrum: het beroemde door Bart Hughes ontworpen Appeltje met stip.” (Lambrechts, p.88)
Het klimaat waarin deze rituelen tot ontwikkeling komen wordt mede bepaald door publikaties als Vance Packard’s Hidden Persuader/Verborgen verleiders (door Grootveld geparafraseerd in een gestencild blaadje met hanepootletters onder de titel ‘Hippe zweeter’ en Pauwels/Dageraad der magiers. Grootveld verhaalt hoe hij tijdens de vervolging van provo (de latere ’tolerantie’ moest nog veroverd worden) het boek van professor Baschwitz over heksenprocessen las. Het is ook het Baschwitz Instituut van de Amsterdamse universiteit (massapsychologie) dat in die tijd begint een provo collectie aan te leggen.