Tag Archief van: Robert Jasper Grootveld

vandaag overleden, modern sjamaan: Robert Jasper Grootveld

Robert Jasper Grootveld roept met zijn happenings in de zestiger jaren, maar ook met zijn daarna ontplooide activiteiten van visionair vlottenbouwer, associaties op met kenmerken van het sjamanisme. In het proefschrift over de Provobeweging, enkele jaren na de beweging, van Jef Lambrecht wordt uitgebreid aandacht besteed aan deze happenings: “Wanneer provo in 1965 ten tonele verschijnt heeft Grootveld reeds een stapel voorbereidend werk achter de rug. Jaren lang heeft hij als een ware Johannes de Doper, de komst van Klaas predikend, gebouwd aan een kultureel klimaat waarin provo zou kunnen gedijen” (p.76). Lambrecht noemt de ontwikkeling van Grootveld waarin een gebeurtenis van belang is voor de relatie van Grootveld met het sjamanisme, wanneer deze als steward op een zeevaarder reizen maakt: “Een ervan bracht hem naar Zuid Afrika, waar hij, in Durban, voor een schijntje een koffertje kocht met daarin magische attributen van een vermoorde medicijnman. Het koffertje, waar alle Afrikanen een heilige schrik voor bleken te hebben zet Jasper bij de terugreis aan het denken over magie en onzichtbare verbanden, ook in onze samenleving, ‘een moderne asfaltjunle van koelkasten en roomkloppers en (wij JL) houden zodoende de meest primitieve eredienst in stand in de vorm van rookoffers aan God Jan Publiek” (ontleend aan Van Reeuwijk/Damsterdamse extremisten, 1965, p.11).
Vanaf 1962 ontwikkelen zich zijn rituele happenings, eerst in de Anti Rooktempel in de Korte Leidsedwarsstraat 31 (in bruikleen gegeven door de restauranthouder en kabalist Nicolaas Kroeze), later verplaatsen zijn happenings zich naar het door tabaksfabrikant Hunter gefinancierde beeldje ‘Het Lieverdje’ op het Spui.

Daar vindt de vermenging met de inmiddels ontstane provobeweging plaats. Grootveld gebruikt trance achtige handelingen, hij heeft visioenen zoals die van Amsterdam als ‘magisch centrum’ van ‘onze westerse asfaltjungle’. Hij spreekt over het feit dat in Amsterdam vroeger heksenprocessen aangevochten konden worden (vraaggesprek in de Wereldkroniek van 9 oktober 1965) en dat er verband was tussen de magische grachtengordel en deze rol van Amsterdam. Hieruit volgt het beeld dat “Iedereen met zonderlinge, heilzame ideeën” naar Amsterdam moest komen om daar zijn boodschap uit te dragen. “Die ‘profeten’ noemt Grootveld ‘Klazen’, deze klazen zullen samenkomen in een konsilie. Het zijn deze klazen die “zien welke kant het op moet gaan met een intens besef van alles, tegelijkertijd.” (H.J. Meijer/Heer geef me een sigaret, Ratio april 1964). “Het verschijnen van de kreet ‘Kom Klaas’ werd geregeld aangetroffen op de Amsterdamse muren, in kombinatie met het grafisch symbool voor het Magisch Centrum: het beroemde door Bart Hughes ontworpen Appeltje met stip.” (Lambrechts, p.88)
Het klimaat waarin deze rituelen tot ontwikkeling komen wordt mede bepaald door publikaties als Vance Packard’s Hidden Persuader/Verborgen verleiders (door Grootveld geparafraseerd in een gestencild blaadje met hanepootletters onder de titel ‘Hippe zweeter’ en Pauwels/Dageraad der magiers. Grootveld verhaalt hoe hij tijdens de vervolging van provo (de latere ’tolerantie’ moest nog veroverd worden) het boek van professor Baschwitz over heksenprocessen las. Het is ook het Baschwitz Instituut van de Amsterdamse universiteit (massapsychologie) dat in die tijd begint een provo collectie aan te leggen.